Congo [Kinshasa]
Klik in het menu Bestand op Afdrukken om de gegevens af te drukken.
Congo [Kinshasa]
2. Bevolking
2.1 Samenstelling en spreiding

De bevolking bestaat uit verschillende etnische groepen, die als volgt in te delen zijn: Bantoe, Soedannegers, Niloten en Pygmeeën. De Bantoe maken tussen de 65 en 70% van de totale bevolking uit; zij nemen de leidende posities in. De Soedannegers (ruim 20%) wonen in het savannelandschap in het stroomgebied van Ubangi en Uele. De Niloten zijn gering in aantal en hebben zich in het uiterste noordoosten bij de grens met Soedan en Oeganda gevestigd. De Pygmeeën (ca. 50 000 à 60 000) wonen in het dichtbeboste gebied rond de evenaar. Er zijn zo’n 20 000 blanken, vooral Belgen. De bevolkingsgroei bedraagt circa 3% per jaar. Ca. 70% van de bevolking woont op het platteland. Het dichtst bevolkt is de provincie Neder-(of Bas-)Congo, aan de kust. De grootste stad is Kinshasa, met circa 4 miljoen inwoners.

2.2 Taal

De officiële taal van Congo is Frans, de taal die ten tijde van de kolonisatie in het moederland België de dominante taal was. In de ontwerpgrondwet van 1998 is Engels er als officiële taal bijgekomen. Op taalkundig gebied is Congo een ware lappendeken, waardoor het voor de overheid na de onafhankelijkheid uitgesloten was een autochtone taal als bestuurstaal aan te wijzen. Daar het onmogelijk is aan te geven wanneer er precies sprake is van een taal dan wel een dialect, is het zelfs ondoenlijk bij benadering aan te geven hoeveel talen er in Congo worden gesproken; in de literatuur worden meestal aantallen van enige honderden genoemd.

Het overgrote deel van de talen van Congo behoort tot de Niger-Kordofanische talen (zie Afrika§ 6.3); alleen in het uiterste noordoosten van het land worden talen gesproken die behoren tot de Nilo-Saharische taalgroep (zie Afrika). Van de in Congo gesproken Niger-Kordofanische talen zijn er in het noorden verscheidene die vroeger werden gerekend tot de Soedantalen. De meerderheid van de bevolking van Congo spreekt een van de vele Bantoetalen. Van elk van deze talen is echter een gering aantal personen moedertaalspreker, wat het gebruik van verkeerstalen noodzakelijk maakte. De meest bekende van deze verkeerstalen of pidgins is het Swahili, dat vooral in het oosten wordt gesproken. Andere in Congo veel gebruikte talen van Bantoe-oorsprong zijn het Lingala en het Kikongo, beide gesproken in het westen en het Tshiluba, gesproken in het centrum van Congo.

2.3 Religie

Bijna de gehele bevolking is christen (50% rooms-katholiek, 30% protestants; ca. 17% is aanhanger van inheems christelijke genootschappen). Volgens de grondwet is er vrijheid van godsdienst, maar openbare eredienst en openbaar onderwijs door kerken mag alleen gehouden resp. gegeven worden indien zij officieel erkend zijn, dwz. een rechtspersoonlijkheid bezittende religieuze gemeenschap zijn. Erkend zijn: de Rooms-Katholieke Kerk, in Congo georganiseerd in zes aartsbisdommen met 41 bisdommen; de protestante kerken verenigd in de Eglise du Christ au Congo; de Kerk van Jezus Christus op aarde geleid door de profeet Simon Kimbangu met ca. 5 miljoen leden en de Grieks-Orthodoxe Kerk. Voorts is er een aantal kleinere religieuze gemeenschappen als de islamitische en die van de Baha′i's. Naast deze officieel erkende gemeenschappen zijn er nog vele andere christelijke denominaties, zowel Afrikaans-inheemse als niet-inheemse. Een kleine minderheid van de bevolking hangt animistische godsdiensten aan.