oratorium [muziek]
Klik in het menu Bestand op Afdrukken om de gegevens af te drukken.
oratorium [muziek]
Introductie

oratorium [muziek], compositie voor zangstemmen, koor en orkest op een vaak omvangrijk tekstboek van al of niet religieuze of beschouwelijke aard, bestemd voor uitvoering in kerk of concertzaal zonder decor of handeling. Het koor vervult een belangrijke functie, terwijl vaak een verteller (Ital.: testo) de verbindende teksten tussen aria's en koren vertolkt.

1. Italië

Het oratorium ontstond in Italië ten tijde van de Contrareformatie (tweede helft 16de eeuw), toen sommigen (o.a. Filippo Neri met zijn oratorianen) door middel van populaire, niet-liturgische diensten bijbelse en religieuze onderwerpen weer tot de leken wilden brengen. Bij deze diensten werden behalve ‘laudi’ ook dialogen uitgevoerd, door twee koren, of tussen allegorische personen zoals God en de ziel. Giovanni da Palestrina componeerde dergelijke dialogen, die echter verloren zijn gegaan. De Rappresentazione di animo e di corpo (1600) van Emilio de Cavalieri, vormt het oudste voorbeeld van deze vroege oratoria. Daar dit werk wél scenisch is opgevoerd, zou echter eerder van een geestelijke opera gesproken moeten worden. Tot de ontwikkeling van het oratoriumgenre, dat zich toen nog niet steeds van de opera liet onderscheiden, werd in de eerste helft van de 17de eeuw vooral bijgedragen door S. Landi, G.F. Anerio en D. Mazzocchi. De barokke oratoriumstijl kwam in Italië vooral tot ontplooiing in de sterk dramatische, Latijnse oratoria van Giacomo Carissimi en de Italiaanse van A. Stradella en B. Pasquini. Bij de Napolitaanse school kreeg het oratorium steeds meer opera-allures.