Zoekweergave ontdekkingsreizen

Je kunt een woord, naam of onderwerp in dit artikel vinden met behulp van de optie van de browser voor het zoeken binnen een pagina. Bij Internet Explorer vind je deze optie in het menu Bewerken.

Er wordt gezocht naar het exacte woord of de exacte zin die je hebt ingetypt. Als er niets wordt gevonden, kun je zoeken naar een trefwoord binnen het onderwerp of de spelling controleren van wat je hebt getypt.

ontdekkingsreizen
Introductie

ontdekkingsreizen, reizen met het vooropgezette doel onbekende gebieden te leren kennen, zijn reeds zeer vroeg ondernomen. In ruime zin kan men zeggen dat Feniciërs, Carthagers en Grieken, die handelsnederzettingen stichtten in het Middellandse Zeegebied en zelfs de Britse eilanden bereikt schijnen te hebben, ontdekkingsreizigers waren, evenals Alexander de Grote door zijn tocht naar het oosten voor deze kwalificatie in aanmerking komt. Ook de Romeinen ‘ontdekten’ bij de uitbreiding van hun rijk grote delen van Europa en Noord-Afrika. Van ontdekkingsreizen in eigenlijke zin kan men echter pas spreken sedert de Vikingen na 800 hun grote tochten over zee begonnen, waarbij o.a. IJsland (eind 9de eeuw) en Groenland (10de eeuw, door Erik de Rode) werden ontdekt. Vrijwel niets hiervan werd buiten Scandinavië bekend. Wel bekend werden in West-Europa de reizen van de monnik Willem van Ruysbroeck, die tussen 1252 en 1255 een reis over land maakte naar Mongolië, en van Marco Polo, die tussen 1275 en 1292 in China verbleef; beiden hebben uitvoerige reisverslagen geschreven.

1. Portugezen en Spanjaarden

De grote periode van de ontdekkingsreizen, waarbij Portugezen en Spanjaarden de leiding namen, begon ca. 1400. Met name de ontwikkeling van zeekaarten na 1300 (zie cartografie) en van het kompas maakten lange reizen mogelijk. Scheepvaart en exploratie werden wetenschappen vooral door toedoen van de Portugese prins Hendrik de Zeevaarder, die, op zoek naar het goudland Guinea, de westkust van Afrika verkende. In de loop van de 15de eeuw waagden de Portugezen zich steeds verder zuidwaarts langs de kust van Afrika; in 1456 werden de Kaapverdische Eilanden ontdekt, in 1482 werd de monding van de rivier de Congo bereikt, in 1488 Kaap de Goede Hoop omzeild (door Bartholomeu Diaz). In 1500 was het opnieuw een Portugees (Cabral) die Brazilië in Zuid-Amerika ontdekte. De Spaanse ontdekkingen begonnen met de tochten van Christophorus Columbus in 1492 en volgende jaren. Een Spaanse expeditie onder de Portugees Fernão de Magalhães stak in de jaren 1519–1522 de Grote Oceaan over en volbracht daarmee als eerste een reis om de wereld; tweede was de Engelsman Francis Drake in 1577–1580.

2. Italianen en Hollanders

Vergeleken met de grote ondernemingen van Portugezen en Spanjaarden hebben de andere West-Europese volken slechts een ondergeschikte rol gespeeld. De Genuees in Engelse dienst Giovanni Caboto (John Cabot) en de Fransman Jacques Cartier mogen als voorlopers gelden van de ontdekking van het Canadese kust- en binnenland, maar de belangrijkste reizen naar dit deel van de aarde hadden eigenlijk het vinden van de noordwestelijke doorvaart ten doel. Noord-Nederlanders trachtten in 1596 vergeefs de noordoostelijke doorvaart te vinden en maakten zich in de 17de en 18de eeuw verdienstelijk door de ontdekking van Oceanië (Jacques Le Maire en Willem Cornelisz Schouten, Abel Tasman, Jacob Roggeveen); belangrijk waren in dit werelddeel ook de reizen van Dampier, Bougainville, James Cook en La Pérouse.

3. Exploratie binnenlanden

In de 19de eeuw werd het binnenland van Afrika in alle richtingen doorkruist en ook de binnenlanden van Azië, Australië en noordoostelijk Zuid-Amerika (met name het Amazonegebied) werden uitvoerig bereisd. In de 20ste eeuw ten slotte kwam de exploratie van Antarctica op gang.