| Mozart, Wolfgang Amadeus | Terug | ||||
| Klik in het menu Bestand op Afdrukken om de gegevens af te drukken. | |||||
| 3. Köchel Verzeichnis |
Van Mozarts werken verschenen tijdens zijn leven slechts weinige in druk. Deze werden voorzien van opusnummers, die echter geen leidraad voor chronologie of catalogisering vormen. Op 9 febr. 1784 begon hij – zich klaarblijkelijk bewust van zijn betekenis als componist – zelf met het catalogiseren van zijn composities. Daardoor is het mogelijk de chronologie van zijn werken, gecomponeerd vanaf die datum, vast te stellen; op 15 nov. 1791 noteerde hij voor het laatst een compositie in dit ‘Verzeichnis’. Aan Ludwig Ritter von Köchel is de samenstelling van een chronologisch-thematische catalogus van Mozarts werken te danken (1862, 81983). Naar deze catalogus verwijst de achter de titels van Mozarts werken gebruikelijke afkorting KV met een nummer. In de catalogus is bovendien een overzicht opgenomen, ingedeeld naar genres (kerkmuziek, opera's, symfonieën, concerten, enz.), waardoor het mogelijk is ook werken waarvan men het ‘Köchelnummer’ niet kent, terug te vinden. Bij ieder werk worden, behalve de eerste maten van elk onderdeel, gegevens over ontstaan, opdracht, handschrift, eerste uitvoering, afschriften, uitgaven en literatuur vermeld.
Mozarts geboortehuis in Salzburg is thans Mozartmuseum. Eveneens in Salzburg is het Mozarteum gevestigd. In Augsburg is een Mozartgedenkstätte, in Wenen een Mozart-Erinnerungsraum (beide museum).
WERK (excl. De hierboven genoemde en excl. geschetste en onvolledig overgeleverde werken): Instrumentaal: 46 symf. (daaronder in A, KV 201; Bes, KV 319; Haffnersymfonie, KV 385; Linzer symfonie, KV 425; Praagse symfonie, KV 504; drie grote symfonieën uit 1788, KV 543, 550 en 551); 20 divertimenti, serenades e.d. (daaronder Haffnerserenade, KV 250; Posthoornserenade, KV 320; Eine kleine Nachtmusik, KV 525); 13 marsen (de meeste hiervan horen eigenlijk bij serenades); 41 dansen en reeksen van dansen (menuetten, Duitse dansen, Ländler, contradansen); 20 wrk. v. versch. ensembles van blaasinstrumenten (1 hiervan v. 12 blaasinstr. en contrabas); 5 wrk. v. strijkork. (3 hiervan ook uitvoerbaar door strijkkwartet); 6 strijkkwintetten; 1 kwintet v. hoorn en strijkinstr.; 1 kwintet v. klarinet en strijkinstr.; 23 strijkkwartetten; 4 kwartetten v. fluit en strijkinstr., 1 kwartet v. hobo en strijkinstr.; 1 divertimento v. viool, altviool en violoncel; 1 trio v. 2 violen en violoncel; 2 duo's v. viool en altviool; 1 sonate v. fagot en violoncel; 1 kwintet v. piano en 4 blaasinstr.; 2 pianokwartetten; 6 pianotrio's; 1 trio v. piano, klarinet en altviool: Adagio en rondo v. glasharmonica, fluit, hobo, altviool en violoncel; 32 sonates v. piano en viool (6 hiervan worden tot de trio's gerekend, daar in de oudste uitg. een violoncelpartij aanwezig is); 2 thema's met var. v. piano en viool; 1 sonate en 1 fuga v. 2 piano's; 5 sonates en 1 thema met var. v. piano vier handen; 18 sonates, 15 thema's met var., 70 fantasieën, rondo's, menuetten e.a. kleine stukken v. piano; 1 adagio voor glasharmonica; 2 fantasieën en 1 andante v. ‘Orgelwalze’ (mechanisch instr.); 27 conc. v. piano en ork.; 2 rondo's v. piano en ork.; 1 conc. v. 2 piano's en ork.; 1 conc. v. 3 piano's en ork.; 5 (of 6) conc. v. viool en ork.; 2 rondo's en 1 adagio v. viool en ork.; 1 conc. v. 2 violen en ork.; 1 concertante symf. v. viool en altviool met ork.; 2 conc. en 1 andante v. fluit en ork.; 1 hobo-, 1 klarinet-, 1 fagotconc., 4 hoornconc.; 1 conc. v. fluit en harp met ork.; 1 concertante symf. v. 4 blaasinstr. met ork.; 17 sonates v. orgel en ork. – Dramatisch: 16 opera's (3 andere opera's bleven onvoltooid); 1 ‘Komödie mit Musik’ (Der Schauspieldirektor, KV 486); toneelmuz. v. Thamos, König in Ägypten (KV 345); muz. v. het ballet Les petits riens; balletmuz. voor Idomeneo. – Andere vocaal-instrumentale wrk.: 52 aria's, 2 duetten, 8 terzetten en 1 kwartet met instr. begeleiding; 17 missen, waaronder de Krönungsmesse in C, KV 317 (1779) en de onvoltooide Mis in c, KV 427 (1782–1783); 1 Requiem (onvoltooid); 32 kerkelijke wrk. (o.a. litanieën, vespers, Kyrie, Regina coeli); 30 liederen; 2 liederen met koor; 39 canons.
Voorts: cadensen v. conc. en aria's, ook van anderen; bewerkingen, w.o. 7 pianoconc. naar sonates van tijdgenoten; 5 fuga's van J.S. Bach, bewerkt v. strijkkwartet; 4 koorwrk. van G.F. Händel, in opdracht van baron van Swieten opnieuw geïnstrumenteerd.
UITG: W.A. Mozarts Werke, Krit. Gesamtausg. (1867–1905); W.A. Mozart. Neue Ausg. sämtl. Werke, in Verbindung mit den Mozart-Städten Augsburg, Salzburg und Wien, d. Internat. Stiftung Mozarteum, Salzburg (1955 vv.; 10 series van 35 werkgroepen); Mozart. Briefe und Aufzeichnungen, d. W.A. Bauer en O.E. Deutsch (4 dln., 1962–1963; in 2 dln., m. comm. v. J.H. Eibl, 1971; register 1975); Mozart-Briefe, d. W. Hildesheimer (1975; keuze); Mozart in zijn brieven, d. L. Bunge (1977; keuze en comm).