In het door de legers van Karel de Grote bedreigde Saksenland ontstonden behalve nieuwe volks- of vluchtburchten kleine ronde walburchten: een aarden wal op cirkelvormige grondslag, beschermd door een gracht, met daarbinnen woonhuizen en de bedrijfsgebouwen. De wallen waren meestal van een houten borstwering voorzien. Uit de bronnen uit die tijd is nog een andere vorm van versterking bekend, de curtis. In feite was dit een verdedigbare hof, een agrarisch middelpunt, waarvan het krijgsbouwkundige deel bestond uit een wal of palissade met de daarvoor gelegen gracht. De hofmeier bewoonde het hoofdgebouw (sala), terwijl er soms een voorburcht (curticula) aanwezig was. De walburcht Montferland (bij 's-Heerenberg) is een duidelijk voorbeeld van een versterking op een ten dele kunstmatige heuvel, waarvan het voornaamste gedeelte bestond uit een zware, rechthoekige, tufstenen toren.
© 1993-2008 Microsoft Corporation/Het Spectrum. Alle rechten voorbehouden.