Karel de Stoute
Klik in het menu Bestand op Afdrukken om de gegevens af te drukken.
Karel de Stoute
2. Buitenlandse politiek

De buitenlandse politiek van Karel de Stoute was in eerste instantie gericht op Frankrijk. Met wisselend succes streed een Engels-Bourgondisch bondgenootschap tegen koning Lodewijk XI. Nadat de vijandelijkheden met Frankrijk in 1472 waren opgehouden, ging Karels aandacht vooral naar het Rijnland. In 1472 was hem door hertog Arnold van Gelre toegezegd dat deze Karel als erfgenaam erkende en na Arnolds dood (1473) kon Karel zonder veel moeite Gelre veroveren. Zijn verlangen om een koningstitel te krijgen, ging niet in vervulling. Onderhandelingen met keizer Frederik III in Trier (oktober–november 1473) over het heroprichten van een koninkrijk Bourgondië (waarbij Karel werd geadviseerd door zijn raadsheer Antoon Haneron) mislukten. Begin 1474 verloor Karel het landgraafschap Elzas, dat hij in 1469 had gekocht. Dat was het gevolg van een opstand van de Elzassers, die gesteund werden door de tegen hem gerichte Liga van Konstanz. In 1474 wilde Karel de aartsbisschop van Keulen steunen in zijn strijd tegen het kapittel van de domkerk en de steden. Voordat hij Keulen aanviel, zette Karel zijn leger in stelling voor Neuss. Na een jaar moest hij het beleg van Neuss opheffen.

Lotharingen, dat heel erg belangrijk was voor de verbinding van de Nederlanden met Bourgondië, zou uiteindelijk Karels nederlaag betekenen. In 1473 had hij de jonge hertog René II onder druk een verdrag laten ondertekenen waardoor het hertogdom Lotharingen een Bourgondisch protectoraat werd. In 1475 verklaarde René II echter de oorlog aan Karel, waardoor Karel in de herfst van dat jaar Lotharingen opnieuw moest veroveren. Dat lukte hem, maar meteen daarna verklaarden de Zwitserse bondgenoten hem de oorlog. In 1476 leed hij bij Granson (2 maart) en Murten (22 juni) een nederlaag. Hierop kwamen de Lotharingers in opstand tegen Karel. Karel wilde onmiddellijk tegen hen optreden, maar kwam om bij het beleg van Nancy.