Zoekweergave interval [muziek]

Je kunt een woord, naam of onderwerp in dit artikel vinden met behulp van de optie van de browser voor het zoeken binnen een pagina. Bij Internet Explorer vind je deze optie in het menu Bewerken.

Er wordt gezocht naar het exacte woord of de exacte zin die je hebt ingetypt. Als er niets wordt gevonden, kun je zoeken naar een trefwoord binnen het onderwerp of de spelling controleren van wat je hebt getypt.

interval [muziek]

interval [muziek] (v. Lat. intervallum = tussenruimte), de afstand in toonhoogte tussen twee tonen die gelijktijdig (harmonisch interval) of na elkaar (melodisch interval) klinken. De benaming gaat uit van een diatonische reeks. Het interval tussen twee tonen met gelijke toonhoogte noemt men prime, dat tussen twee naast elkaar liggende tonen seconde, dat van een 1ste tot een 3de toon terts, van een 1ste tot een 4de toon kwart, en zo verder: kwint, sext, septime, octaaf, none, decime, undecime, duodecime, enz. Betrekt men ook halve tonen in de beschouwing, dan kan men ieder interval in verschillende grootten brengen. Men gebruikt daartoe de termen verminderd, klein, rein, groot en overmatig. Alleen de prime, de kwart, de kwint en de octaafvergrotingen daarvan kunnen rein zijn; zij moeten dan resp. een afstand van 0, 5 en 7 halve tonen hebben, of een octaaf, d.i. 6 tonen, meer. Voegt men er een zgn. chromatische halve toon aan toe door bijv. van c–g c–gis te maken, dan noemt men het interval overmatig. Maakt men het een halve toon kleiner, bijv. c–ges, dan noemt men het verminderd. Alle andere intervallen komen in twee typen voor, die men als groot en klein onderscheidt. Maakt men kleine intervallen kleiner (bijv. de kleine sext e–c tot e–ces), dan noemt men ze verminderd. Maakt men kleine intervallen een halve toon groter (bijv. e–c tot e–cis), dan noemt men ze groot (hier: grote sext). Maakt men grote intervallen een halve toon groter, dan noemt men ze overmatig (es–cis: overmatige sext). Zie voor de verhouding van de intervallen binnen het octaaf stemming.