| Zoekweergave | harmonie | Terug |
harmonie, term met verschillende betekenissen. In de oude Griekse muziek (zie Griekse cultuur§ 8 Muziek) betekent het de samenvoeging van tonen tot bepaalde geordende reeksen (harmoniai), waaruit blijkt dat het begrip harmonie toen nog uitsluitend een melodische (horizontale) strekking had. Sedert de middeleeuwen slaat het woord harmonie niet meer op het na elkaar klinken van de tonen, maar op het tegelijk klinken: de samenklank. De bestudering van de samenklanken als zelfstandige fenomenen en het vaststellen van bepaalde wetmatigheden inzake de verbinding en samenhang van de samenklanken en alles wat daarmee te maken heeft, hebben geleid tot het ontstaan van resp. de leer der akkoorden en de harmonieleer.
In de harmonische analyse worden de al dan niet traditionele schema's van harmonische samenhangen opgespoord in de totale structuur van een compositie. De harmonieleer wordt vaak kortweg ‘harmonie’ genoemd. Ook wordt het woord harmonie soms gebezigd in plaats van ‘akkoord’. Ten slotte kunnen onder harmonie worden verstaan de houten en koperen blaasinstrumenten van het symfonieorkest of ook een harmonieorkest.