| Zoekweergave | Hanslick, Eduard | Terug |
Hanslick, Eduard (Praag 11 sept. 1825 – Baden, bij Wenen, 6 aug. 1904), Oostenrijks muziektheoreticus, oorspronkelijk jurist, was vele jaren werkzaam als criticus en werd in 1856 privaatdocent, in 1861 hoogleraar te Wenen in de esthetica en de geschiedenis van de muziek. Zijn invloed op het Weense muziekleven was zeer groot; zijn bewondering voor de klassieken, Mendelssohn en Schumann, en zijn vriendschap met Brahms waren evenredig fel aan zijn afwijzing van de latere Wagner en zijn onbegrip voor Bruckner. Zijn kritieken getuigen niettemin van grote begaafdheid en zijn voor de kennis van het Weense muziekleven van zijn tijd van groot belang. Zijn esthetisch-formalistische verhandeling Vom Musikalisch-Schönen (1854; 161966) is een standaardwerk.
WERK: (behalve het genoemde): Gesch. des Conzertwesens in Wien (2 dln., 1869–1870); Aus dem Conzertsaal... 1848–1868 (1872); Gallerie franz. und ital. Tondichter (1874); Die moderne Oper, Kritiken und Studien (9 dln., 1875–1900); Suite (1884); Conzerte, Componisten und Virtuosen der letzten 15 Jahre, 1870–1885 (1886); Aus meinem Leben (2 dln., 1894).