Grieg, Edvard Hagerup
Klik in het menu Bestand op Afdrukken om de gegevens af te drukken.
Grieg, Edvard Hagerup
2. Karakteristiek

In zijn muziek ontwikkelde Grieg, na aanvankelijke invloeden van Mendelssohn en Robert Schumann, een zeer persoonlijke en lyrische stijl. Hij werd sterk geïnspireerd door de Noorse folkloristische muziek, waarin hij zowel zijn kracht als zijn begrenzing vond en waarvan hij voor diverse bezettingen talrijke arrangementen maakte. De volksmuziek had grote invloed op Griegs geavanceerde harmonische klankvoorstelling, die een vrije dissonantbehandeling en veel chromatiek toestond. Vanaf 1870 verschenen er impressionistische elementen in zijn werk zoals parallelle akkoordprogressies en niet-functionele harmoniek. Het strijkkwartet in 9 kleine terts op. 27 (1877–1878), een van zijn meest attractieve werken, anticipeerde op het strijkkwartet van Debussy. Zijn liederen, die met de pianomuziek een belangrijk deel van zijn oeuvre vormen, zijn zeer populair geweest. Van zijn orkestmuziek wordt behalve de toneelmuziek bij Peer Gynt ook de Holbergsuite (1884–1885) nog steeds uitgevoerd. In 1999 werden enige tientallen, tot dan onbekende (piano)composities van Grieg ontdekt.

WERK: (o.a.): Kamermuziek: strijkkwartet, 3 vioolsonates, cellosonate. – Pianowrk.: 10 bundels Lyrische Stücke. – Toneelmuziek: Olav Trygvason (onvolt.), Sigurd Jorsalfar (1872). – Voorts: koorwerk, liederen (Haugtussacyclus op. 67).