| Zoekweergave | flageolet [muziek] | Terug |
flageolet [muziek], benaming voor: a. kleine fluit van het blokfluittype, waarvan een Franse en Engelse versie bestaat. De Franse flageolet werd waarschijnlijk ca. 1581 te Parijs geconstrueerd door Juvigny. Het instrument heeft vier vingergaten aan de voorzijde en twee vingergaten aan de achterzijde; de Engelse flageolet ontstond in het begin van de 19de eeuw en heeft zes vingergaten aan de voorzijde, een vingergat aan de achterzijde en enkele kleppen. Flageolet komt ook voor als orgelregister; b. een toon van een snaar die door lichte aanraking in een bepaald punt (zgn. knoop) volgens een bovenharmonische trilt. Bij blaasinstrumenten noemt men de door het zgn. overblazen ontstane bovenharmonischen wel flageolettonen. Bij strijkinstrumenten worden flageolettonen voortgebracht door een snaar met de vinger te verkorten. In de moderne pianomuziek worden flageolettonen geproduceerd door het laten doorklinken van kort aangehouden tonen door middel van een bij voortduring neergehouden toets, die de boventoon van de hierdoor vrijgekomen snaar laat klinken.