Claudius I
Klik in het menu Bestand op Afdrukken om de gegevens af te drukken.
Claudius I
2. Keizer

Na Caligula's dood werd hij door de lijfwacht tot keizer uitgeroepen. De zonderlinge boekenwurm ontpopte zich als een voortreffelijk regent. Zijn voornaamste hervorming was een radicale centralisatie van het rijksbestuur in handen van de keizer; voor dit doel werden keizerlijke departementen gesticht, aan het hoofd waarvan keizerlijke vrijgelatenen werden geplaatst. Verzwakking van de kracht van de Senaat, versterking van de positie van de provincies (door een consequent doorgevoerde burgerrechtspolitiek), systematische bestrijding van misbruiken op ieder gebied waren de doeleinden van deze centralisatie van het rijksbestuur, dat onder Claudius’ regering door uitgesproken humanitaire tendenties werd gedragen, zonder voorbehoud voortreffelijk mag worden genoemd en waarvan de verdienste in de eerste plaats aan Claudius zelf en niet aan zijn ministers-vrijgelatenen toekomt: de originele oorkonden uit Claudius' regeringstijd, die wij nog bezitten, bewijzen dat de keizer zich persoonlijk in de kleinste bijzonderheden van het rijksbestuur placht te verdiepen en bovendien ademen zij volkomen de zonderlinge geest van Claudius zelf, zonder een spoor van de geest van zijn vrijgelatenen te verraden.

Was het rijksbestuur het sterke punt van Claudius' regering, zijn slechte verhouding tot de Romeinse aristocratie was er de schaduwzijde van; de senaat en de ridderstand voelden zich achteruitgezet en vergolden het hem met stil verzet en samenzweringen, die zijn angstcomplexen, door de omstandigheden waaronder hij was opgegroeid van huis uit reeds aanwezig, in hoge mate versterkten. Deze angstcomplexen werden door zijn vrouwen en vrijgelatenen weleens misbruikt om hun persoonlijke wraakzucht te bevredigen, doordat zij hem (door angstaanjaging) tot gerechtelijke moorden dreven op hun persoonlijke vijanden onder de Romeinse aristocratie. Dit is als de grote misstand van Claudius' regering te beschouwen.