| Arabische muziek | Terug | ||||
| Klik in het menu Bestand op Afdrukken om de gegevens af te drukken. | |||||
| 4. Genres |
De liederen worden gecomponeerd naar de diverse dichtvormen. De artistieke vorm bij uitstek, zowel in literair als in muzikaal standpunt, is de strofisch gebouwde tawsik. De kasida (ook: qasida)is een recitatief, nl. een op twee, drie, vijf of zeven versregels geïmproviseerd lied. De dawr is een lichtere vorm, van Egyptische origine, uitgevoerd door een zangsolist, twee of drie koristen en orkest. De voornaamste instrumentale vormen zijn: taksim (een improvisatie in vrij ritme waarin de musicus zonder begeleiding de melodische mogelijkheden van de van tevoren uitgekozen makam nagaat, meestal ter inleiding van een langer muziekstuk gespeeld); de basraf is een instrumentale, geritmeerde ouverture.
Een aantal van deze vormen kan gecombineerd worden tot een keten van stukken, een orkestrale suite, die alle in dezelfde toonaard staan. Karakteristiek voor de Arabische muziek zijn veel melodie-omspelende arabesken, melismen, overmatige intervallen en een complexe ritmische structuur.