Zie ook:
Zoeken in Encarta Winkler Prins
Zoeken in Encarta Winkler Prins naar achttiende eeuw

Resultaten van Windows Live® Search

Alle zoekresultaten weergeven in
Resultaten van Windows Live® Search
Pagina 6 van 18

achttiende eeuw

Encyclopedieartikel
Multimedia
Japans no-toneelJapans no-toneel
Artikeloverzicht

2.5.2 Platteland

Het leven op het platteland van Zweden staat in schrille tegenstelling met dat in Stockholm. Het grootste gedeelte van de bevolking is in het zuiden te vinden, waar het ondanks hard werken een schraal agrarisch bestaan leidt. Hier is Göteborg, vanwege de aanwezigheid van vele Engelse handelslieden soms Little London genoemd, een belangrijke havenstad. In het noorden zijn hele gebieden nagenoeg onbewoond, met name Lapland, waar slechts Samische rendierhoeders rondtrekken. In deze streek maakte de inmiddels beroemde Zweedse natuurvorser Carl Linnaeus zijn eerste grote studiereis, waarvan hij de uitkomsten heeft neergelegd in de Flora Lapponica. Zijn reis door deze barre streken heeft hij beschreven in Iter Lapponicum; de volgende passage geeft een idee van de ontoegankelijkheid van het gebied: 'Ten slotte belandden wij bij een inham van de rivier... Wij kwamen hier met het grootste levensgevaar overheen. Ik vond het maar een hachelijke zaak ... Pal daarop troffen wij moerasland aan dat grotendeels onder water stond; daar moesten wij zeker wel 10 km doorheen zwoegen ... Bij iedere stap zakten wij tot onze knieën in het water en als wij geen pollen als voetsteun vonden, nog verder. Op sommige plekken was een bodemloze diepte, zodat wij met een boog om het terrein moesten trekken. Onze laarzen stonden vol ijskoud water, want hier en daar zat er nog vorst in de bodem. Als ik deze straf voor een doodzonde had moeten ondergaan, was hij al wreed genoeg geweest, maar wat moet ik er nu van zeggen? Ik wou dat ik nooit aan deze tocht was begonnen... Dat hele land van de Lappen was één groot moeras; daarom noemde ik het Styx.'

2.6 Polen

Na drie Poolse Delingen heeft de Poolse staat opgehouden te bestaan. Aan het begin van de eeuw was hij nog na Rusland de grootste van Europa, zich uitstrekkend van de Oostzee tot bijna aan de Zwarte Zee. Evenals het Heilige Roomse Rijk der Duitse Natie is Polen te gronde gegaan aan een gebrekkige interne organisatie, die de grote mogendheden de kans gaf het land als een speelbal in het diplomatieke verkeer te hanteren. Tegen het eind van de eeuw, in 1795, komt dan ten slotte een einde aan deze lijdensweg: Rusland, Pruisen en Oostenrijk hebben het land volkomen opgeslokt. Vele Polen zijn gevlucht, de meesten van hen naar Frankrijk, waar ze nu dromen van een triomfantelijke terugkeer naar hun vaderland, in het zog van Napoleon I Bonaparte.

2.7 Pruisen

Pruisen, dat sinds 1701 een koninkrijk is, heeft gestadig zijn grenzen uitgebreid. Onder Frederik I was het nog een middelgrote Duitse staat, maar nu, aan het einde van de eeuw, is het grondgebied driemaal zo groot. De staat werd intern hervormd door Frederik Willem I, wiens uitspraak: 'De ziel is voor God, al het andere hoort van mij te zijn’ wel aangeeft welke absolute gehoorzaamheid deze 'koning-korporaal' van zijn onderdanen eiste. Zijn voornaamste belangstelling gold het leger, dat tijdens zijn regering 83 000 manschappen ging tellen. Niet minder dan 85% van het staatsbudget werd aan militaire uitgaven besteed. Zijn zoon, Frederik II de Grote, heeft de omvang van het leger nog weer verdubbeld, met als resultaat dat Pruisen een van de meest geduchte legers van Europa heeft.

2.7.1 Verlicht absolutisme

Deze gecultiveerde aanhanger van het verlicht absolutisme, die in 1786 gestorven is, hield zich reeds jong bezig met de studie van literatuur en filosofie, wat hem in conflict bracht met zijn vader, wiens voornaamste genoegen erin bestond een lijfwacht van mannen van reuzengestalte te formeren. Al in 1740 is in Den Haag een anonieme Antimachiavel verschenen, die aan Frederik de Grote wordt toegeschreven (terecht, zoals in 1767 blijkt). De vorst is dan juist gekroond. In 26 hoofdstukken worden in dit geschrift de 26 van Machiavelli’s Il principe (= De vorst) weerlegd. In plaats van het oude absolutisme stelt koning Frederik een 'verlicht absolutisme’ voor, waarin Le premier domestique (de eerste dienaar van de staat) het staatsbelang boven het eigen belang verheft. De bewerking van het boek is in handen geweest van de Franse filosoof Voltaire, met wie de koning een correspondentie heeft onderhouden.

2.7.2 Immanuel Kant

In het jaar dat Frederik tot koning wordt gekroond, begint de dan 16-jarige Immanuel Kant theologie te studeren aan de universiteit te Koningsbergen. Dertig jaar later, na enkele belangwekkende publicaties, wordt hij er hoogleraar in de logica en metafysica. In 1781 is zijn Kritik der reinen Vernunft verschenen, waarin hij de mogelijkheid onderzoekt dat kennis onafhankelijk van ervaring existeert. De Verlichting ziet hij als 'het vertrek van de mens uit zijn onmondigheid, waaraan hij zelf schuld is'. In 1788 verschijnt zijn Kritik der praktischen Vernunft, twee jaar later Kritik der Urteilskraft. 'Durf je eigen verstand te gebruiken,' geeft Kant de Verlichting als leus mee.

Vorige
| | | | | | | | | ... 
Volgende
Zoeken in dit artikel
Printervriendelijke pagina bekijken
E-mail




© 2008 Microsoft/Het Spectrum