Zie ook:
Zoeken in Encarta Winkler Prins
Zoeken in Encarta Winkler Prins naar kostuum

Resultaten van Windows Live® Search

  • BISNIS.nl / ABC-Links / Kostuum

    Warning : Unknown(): The session id contains invalid characters, valid characters are only a-z, A-Z and 0-9 in Unknown on line 0 Warning : Unknown(

  • kostuum.startpagina.nl

    Alles wat met kostuums en pakken te maken heeft

  • Hoofdpiet kostuum en zwarte pieten pak

    Zwarte Pieten pakken, TV hoofdpietkostuum, Meisjespiet pak, Stafpietkostuum of strooipietkostuum. Hier vindt u het Zwarte pieten pak dat u altijd al zocht! Ook voor een ... Welkom ...

Alle zoekresultaten weergeven in
Resultaten van Windows Live® Search
Pagina 4 van 4

kostuum

Encyclopedieartikel
Multimedia
14de-eeuwse kleding14de-eeuwse kleding
Artikeloverzicht

8. 20ste eeuw

Vanaf het begin van deze eeuw was er een grote wisseling in de vrouwenmode. Aanvankelijk had de vrouwenbeweging invloed met de reformjaponnen (zie reformkleding), die korsetloos gedragen moesten worden, maar na ca. 1909 drukte vooral de Franse ontwerper Paul Poiret zijn stempel op de mode met zijn op de oosterse balletten uit die tijd geïnspireerde toiletten. Tijdens de Eerste Wereldoorlog werden de rokken korter en wijder, een tendens die zich vooral na 1920 voortzette. Daarbij paste een kortgeknipt kapsel. Simpele functionele kleding werd in de jaren twintig ontworpen door Coco Chanel, die in 1939 haar befaamde Parijse huis sloot, maar het in 1954 heropende en veel succes had met comfortabel zittende pakjes van tweed en jersey, simpel van lijn en perfect van snit. Andere beroemde namen waren in dit decennium Jeanne Lanvin, Lucien Lelong, Sonia Delaunay (stofontwerpen), Jean Patou. Filmsterren beïnvloedden in de jaren dertig de kleding, waarin vooral een romantische tendens duidelijk werd, met langere haren. Overdag werden langere japonnen gedragen en 's avonds avondjurken tot de enkels. Grote namen in Parijs waren in die jaren Madeleine Vionnet, Elsa Schiaparelli, Edward Molyneux, Mainbrocher en Madame Grès.

8.1 1945-1980

Na de Tweede Wereldoorlog kwamen er naast Parijs ook andere modecentra, o.m. Florence, waar de marchese Emilio Pucci van zich deed spreken, en Londen, waar in 1942 de Incorporated Society of London Fashion Designers was opgericht, met als leiders Norman Hartnell en Hardy Amies; in Ierland werd Sybil Connolly bekend met tweed en linnen japonnen. In 1947 lanceerde Christian Dior, gefinancierd door de textielkoning Marcel Boussac, zijn ‘ligne corolle’, beter bekend als ‘New look‘, ontworpen om de vrouw weer elegant te maken na de korte rokken en de vierkante schouderlijn van de oorlogstijd: smalle taillelijn, afgeronde schouders en veel stofgebruik. In diezelfde tijd werkten Cristobal Balenciaga, Jacques Fath (die de vrouwen- en mannenkleding vernieuwde met kokerrokken en coltruien), Pierre Balmain en Hubert Taffin de Givenchy. In de jaren vijftig droegen meisjes wijde rokken, petticoats en paardenstaarten, jongens wijde truien, strakke broeken en vetkuiven. De haute couture werd gaandeweg minder exclusief en de confectie-industrie ging een grotere rol spelen. De jongeren gingen steeds meer het beeld bepalen. Vooral onder hen had de Britse ontwerpster Mary Quant groot succes met de minirok, die zij in 1965 lanceerde. Pierre Cardin combineerde in de haute couture in de jaren zestig de minirok met de maxi-jas. Hij ontwierp voor mannen en voor vrouwen, voor welke laatsten hij lange laarzen bracht. Yves Saint Laurent, die na Marc Bohan het modehuis van Dior had overgenomen, introduceerde, eveneens in de jaren zestig, de lange broek voor de vrouw. Courrèges was in Parijs de ontwerper van ruimtevaartpakken en heupbroeken; hij gebruikte nieuwe materialen voor kleding, zoals plastic en leer. Hippies zetten zich aan het eind van de jaren zestig af tegen de welvaart en zelfvoldaanheid van ouderen; meisjes en jongens gingen spijkerbroeken (blue jeans) dragen, (verschoten) t-shirts en oude kleren. Nostalgie was de tendens in de jaren zeventig, een tendens waar in Groot-Brittannië Laurah Ashley met haar japonnen in Victoriaanse stijl op inspeelde. Bovendien floreerden tweedehands kledingwinkels voor jongeren die ‘grootmoeders’ jurken wilden dragen. Vanaf 1970 kreeg de grote confectiebeurs te Parijs, Le Salon du Prêt-á-Porter, een belangrijke plaats naast de haute couture. De Japanner Takada Kenzo had grote invloed op de confectie door een eenvoudige vormgeving. De verbrede schouderlijn werd aangegeven door de Japanners Issey Miyake en Kansai Yamamoto na het midden van de jaren zeventig.

8.2 1980-2000

Jonge mensen hadden invloed op de mode, zoals de punkers uit Groot-Brittannië, die vanaf ca. 1978 een subcultuur vertegenwoordigen waarin agressie en spot met de gevestigde maatschappij kenbaar worden gemaakt door onconventionele gewild ‘lelijke’ kleding, haardracht en make-up. Ook de disco-kleding, gedeeltelijk teruggaand op de rock 'n roll-mode uit de jaren vijftig, werd eerst door jongeren gedragen. Met de ‘yuppies’ kwam in de jaren tachtig een voorkeur voor een klassiekere kledingwijze. Een vernieuwende ontwerper is de Fransman Jean-Paul Gaultier die, evenals Vivian Westwood uit Groot-Brittannië, punkelementen en humoristische details in de ontwerpen toont. Een vernieuwend kleurgebruik en kitsch zijn te zien in de ontwerpen van Christian Lacroix in Parijs. Sinds de jaren zeventig en tachtig is het aantal nieuwe modebladen zeer groot. De Amerikaanse ontwerper van het vernieuwde spijkerpak, Ralph Lauren, deed van zich spreken; in Groot-Brittannië werd de avantgardistische Katherine Hamnett een van de meest gekopieerde stilisten. In Europa gaf niet alleen meer Parijs het grote voorbeeld. In Duitsland ontwierp Jill Sander draagbare, dure en luxueuze creaties. Uit Oostenrijk kwam de geraffineerde ontwerper Helmut Lang en na de perestrojka (Sovjet-Unie) en de politieke ontspanning tussen Oost en West kreeg de naam van de Russische ontwerper Zaïtsev bekendheid in Europa. Een grote vernieuwer op modegebied, met voorkeur voor Byzantijnse borduursels en romantisch kleur- en stofgebruik, was de Italiaan Romeo Gigli; zijn landgenoot Giacomo Ferré kreeg de leiding over het huis van Dior.

De jaren negentig vormden een periode van alles en niets. Van dressing down en dressing up. Van multicultureel en op en top westers. Van eco en techno. Van androgyn en supermannelijk of supervrouwelijk. Van romantisch en zakelijk. Van straatmode en couture. Het leek wel of alles in die laatste tien jaar van de 20ste eeuw nog eens dunnetjes over werd gedaan, want nog nooit volgden zoveel retrostijlen elkaar zo snel op. Om hun publiek zo goed mogelijk te bereiken, investeerden veel modemerken in omvangrijke, wereldwijde reclamecampagnes. Met name de Amerikaanse merken, als Tommy Hilfiger en Calvin Klein, gaven hierin het voorbeeld.

De jaren negentig waren ook de periode van MTV en internet, waardoor lokale trends zich ineens als een olievlek konden verspreiden over de hele wereld en muzikanten zich ontpopten tot mode-iconen voor de jeugd. Wat Madonna startte in de jaren tachtig, groeide in de jaren negentig uit tot een serieuze ontwikkeling. Internet bracht eind jaren negentig nog een andere ontwikkeling met zich mee, die van de nieuwe yup die met zijn of haar internetbedrijfje aardig wat geld verdiende en dat ook aan de buitenwereld wilde laten zien. Geen wonder dat merken weer belangrijk werden. Er was zelfs een tweede leven weggelegd voor oude labels als Prada en Gucci. Met name Gucci onderging een metamorfose dankzij ontwerper Tom Ford, en werd een echt statusmerk.

Om hun toekomst zeker te stellen voor het nieuwe millennium, lieten veel oude, noodlijdende modehuizen zich overnemen door grote conglomeraties (hoofdrolspelers LVMH en de Gucci Groep), en namen jonge ontwerpers de plaats in van gerespecteerde ontwerpers. John Galliano nam het roer over bij Christian Dior, Alexander McQueen bij Givenchy, Martin Margiela bij Hermès, Marc Jacobs bij Louis Vuitton en Stella McCartney (dochter van ex-Beatle Paul) bij Chloé. Dat nieuwe bloed was ook nodig om de concurrentie van hippe mode-warenhuizen als het Zweedse H&M en het Spaanse Zara het hoofd te kunnen bieden. Zij brachten mode snel en relatief goedkoop op de markt. Toch haalden enkele oude vertrouwde ketens het jaar 2000 niet of moeizaam. Zo verdween Peek & Cloppenburg uit de winkelstraat.

De vrouwenmode van de jaren negentig werd gekenmerkt door tegenstellingen en door heel veel retrostijlen. Het begon met een multi-etnische look in laagjes, lange wijde jurken over smalle broeken, oosterse prints en kruidentinten. Als reactie op de Golfoorlog, begin jaren negentig, kwam er een periode van romantiek, met veel hippie-invloeden, waaronder strokenrokken, ruches en kant. Opvallend is dat onder invloed van de grunge, een tweedehands look in modderkleuren die vooral bij jongeren succes had, het supermodellentijdperk eindigde. Daarvoor in de plaats kwamen broodmagere, jongensachtige modellen, van wie de Britse Kate Moss de bekendste werd. Halverwege de jaren negentig werd het modebeeld luxer, optimistischer, maar ook conservatiever en steeds vaker geïnspireerd op voorgaande decennia, met als hoogtepunt de opleving van een opzichtige glamourstijl eind jaren negentig, met veel bont, goud en opzichtige prints.

De mannenmode onderging ook de nodige veranderingen, maar had minder te lijden van retrotrends. Het kostuum bleef, maar kreeg een gestroomlijnder silhouet, een slankere snit, smallere schouders, strakkere broeken en langere colberts. Vooral de nieuwe materialen uit de sportwereld maakten de mannenmode comfortabeler en lichter. Onder invloed van de internettechneuten werd mannenmode eind jaren negentig ook informeler, geen stropdas, polo-shirts in plaats van overhemden, en nonchalantere combinaties.

Jeans, T-shirt, sportschoenen, een rugzak en een piercing of tatoeage, het uniform van de jeugd bleef in het algemeen hetzelfde, met hier en daar natuurlijk accentverschuivingen. Zorgde de grunge begin jaren negentig voor een slordige tweedehands look, enkele jaren later waren de zgn. nerds trendsetters, de pientere computerfreaks in gladgestreken bloesjes en katoenen broeken. Muziekstromingen als house, R&B en hiphop hielden de mode ook in beweging, evenals extreme sporten als skaten, snowboarden en surfen. Jongeren bleken vooral in staat uit alle trends die hun werden aangeboden, hun eigen stijl te kiezen. Velen ontdekten de charme van authentieke merken, zoals die van Levi's, maar ook van Adidas en Lacoste. Enkele typische jaren negentig kledingstukken waren: naveltruitjes voor meisjes, fleecetruien, baggy jeans, werkmansbroeken van donkerblauwe denim.

De jaren negentig waren zeer succesvol voor de Belgische ontwerpers. De etnische stijl van Dries van Noten en het deconstructivisme van Ann Demeulemeester en Martin Margiela waren zeer actueel. Walter van Beirendonck baarde opzien met zijn kleurrijke, futuristiche WLT-collecties voor jeansfabrikant Mustang. Hij speelde daarmee in op actuele thema's als aids, ecologie, technologie en globalisering. Eind jaren negentig deed een nieuwe generatie Belgische ontwerpers van zich spreken, onder wie Raf Simons, Veronique Branquinho en Olivier Theyskens. Hun rauwe mix van retro, techno en straatmode sprak een heel nieuw publiek aan. Nederland deed voor het eerst internationaal van zich spreken dankzij het succes van het duo Viktor & Rolf. In eerste instantie met hun extreme haute couture-collecties, later met hun prêt-á-porter-collecties. Anderen zwommen in hun kielzog mee, onder wie Aziz Bekkaoui, Saskia van Drimmelen en Niels Klavers. Alexander van Slobbe boekte met zijn herenmodelabel So al eerder het nodige succes; met name in Japan vond zijn sobere stijl gretig aftrek. Het was het begin van de Dutch Wave, die tot in het nieuwe millennium zou aanhouden.

Vorige
| | |
Volgende
Zoeken in dit artikel
Printervriendelijke pagina bekijken
E-mail




© 2008 Microsoft/Het Spectrum