Resultaten van Windows Live® Search
Resultaten van Windows Live® Search Kuyper, AbrahamEncyclopedieartikel
Artikeloverzicht
Introductie; 1. Leven; 2. Politieke carrière; 3. Geloof; 4. Maatschappelijke activiteiten; 5. Wereldbeeld; 6. Regeringsbeleid; 7. Tegenstellingen
Kuyper, Abraham (Maassluis 29 okt. 1837 – Den Haag 8 nov. 1920), Nederlands gereformeerd theoloog, journalist, staatsman en minister-president (1901–1905).
Abraham Kuyper studeerde theologie, Nederlands en klassieke letteren in Leiden en promoveerde in 1862. Hij was predikant in Beesd (1863–1867), Utrecht (1867–1870) en Amsterdam (1870–1874). In 1871 werd hij hoofdredacteur van het kerkelijke weekblad De Heraut. In 1872 ging dit blad over in het antirevolutionaire dagblad De Standaard. In 1874 werd Kuyper lid van de Tweede Kamer. Sindsdien trad hij niet meer op als predikant. In 1876 moest hij het kamerlidmaatschap als gevolg van ernstige overspannenheid neerleggen. In 1877 nam hij ontslag om zich helemaal te kunnen wijden aan het schrijven.
Kuyper was oprichter (1879) en politiek leider van de Anti-Revolutionaire Partij. In 1880 richtte hij de Vrije Universiteit Amsterdam (op calvinistische grondslag) op, waar hij van 1880 tot 1901 hoogleraar Hebreeuws, predikkunde, esthetica en dogmatiek was. Hij was oprichter (1883) en tot 1901 voorzitter van de Nederlandsche Journalistenkring. Vanaf 1894 was hij opnieuw lid van de Tweede Kamer. Van 1901 tot 1905 was hij minister-president en ook minister van Binnenlandse Zaken. Van 1908 tot 1912 was hij weer lid van de Tweede Kamer en van 1913 tot 1920 van de Eerste Kamer. In 1908 werd hij benoemd tot minister van Staat. Kuyper kreeg eredoctoraten (titel van doctor vanwege bijzondere prestaties) van de universiteiten van Princeton, Leuven en de Technische Hogeschool in Delft.
Aanvankelijk werd Kuyper beïnvloed door de rationele en humanistische geloofsleer van zijn Leidse leermeesters J.H. Scholten en L.W.E. Rauwenhof. Maar als predikant maakte hij zich vrijwel onmiddellijk tot woordvoerder van het eenvoudige, rechtzinnige kerkvolk, de kleine luyden. Kuyper werd de erkende leider van degenen die de gereformeerde orthodoxie (de oorspronkelijke leer van Calvijn) in stand wilden houden. In deze strijd voor behoud van de orthodoxie streefde hij naar omzetting van de ‘volkskerk’. Deze kerk voor het volk, die onder strenge leiding stond van een door de vrijzinnige burgerij gedomineerde synode, moest veranderen in een ‘vrije kerk’. Daarin zouden de gemeenten zelfstandig zijn. Dit streven leidde in 1886 tot een breuk binnen de Nederlandse Hervormde Kerk. De orthodoxen onder leiding van Kuyper scheidden zich toen af en stichtten de Gereformeerde Kerken in Nederland (1892). Dit werd de doleantie genoemd, met de Dordtse Synode als uitgangspunt. Maar Kuyper wilde het calvinisme niet onveranderd in zijn 16de- en 17de-eeuwse vorm herstellen. Hij vond dat er rekening gehouden moest worden met de grote geestelijke en maatschappelijke veranderingen die sindsdien in de wereld hadden plaatsgevonden. Daarom wilde hij de calvinistische leer een nieuwe interpretatie geven (zie gemene gratie).
© 1993-2008 Microsoft Corporation/Het Spectrum. Alle rechten voorbehouden. |
||||||||||||||||||||||||||||||
© 2008 Microsoft/Het Spectrum
![]() ![]() |