Zie ook:
Zoeken in Encarta Winkler Prins
Zoeken in Encarta Winkler Prins naar kernwapen

Resultaten van Windows Live® Search

Alle zoekresultaten weergeven in
Resultaten van Windows Live® Search

kernwapen

Encyclopedieartikel
Multimedia
KernbommenKernbommen
Artikeloverzicht

Introductie

kernwapen, wapen dat zijn vernietigende werking ontleent aan het vrijkomen van kernenergie. Het oudste type, de splijtingsbom, ook nog wel atoombom of kernbom (A-bom) genoemd (zie voor de ontwikkeling hiervan kernenergie), berust op kernsplijting; de later ontwikkelde krachtiger waterstofbom berust op kernfusie en wordt ontstoken door een kernsplijtingsbom; een verdere ontwikkeling is de neutronenbom. Bij een kernexplosie treden op: enorme luchtdruk, ultraviolette straling, zichtbaar licht (lichtflits én vuurbol), hittestraling en ‘initiële’ kernstraling (gamma- en neutronenstraling).

1. Schadelijke werking

De directe schadelijke werking van een kernbomexplosie kan men in drie soorten onderscheiden:

a. een luchtdrukgolf, vergelijkbaar met die van een gewone explosie maar krachtiger en met een langere tijdsduur; hierdoor worden gebouwen vernield en voorwerpen weggeslingerd; op het passeren van de drukgolf kan een krachtige luchtstroming volgen, veroorzaakt door de sterke zuiging onder het centrum van de snel expanderende explosiewolk. Kenmerkend is het omkeren van de richting van deze luchtstroming, waardoor objecten eerst weggeworpen en daarna teruggeworpen worden;

b. hittestraling, waardoor gebouwen in brand worden gestoken en die bij mensen, wanneer deze niet zijn afgeschermd tegen de straling, brandwonden veroorzaakt;

c. neutronen- en gammastraling, waardoor voorwerpen en gebouwen niet beschadigd worden, maar die op mensen en andere organismen, wanneer de ontvangen stralingsdosis een bepaalde waarde overschrijdt, een dodelijke uitwerking heeft. De dood treedt na een half uur tot zes weken in; bij overleving heeft men een verhoogde kans op kanker of op afwijkingen in het nageslacht (zie ook stralingsziekte). Bescherming tegen de neutronenstraling vereist meters dikke lagen aarde, beton of water.

Afhankelijk van de aard van het wapen kunnen één of meer werkingen overheersen, zoals bijv. werking c bij de neutronenbom.

De schadelijke werking op langere termijn van een kernwapenexplosie wordt veroorzaakt door de fall-out.

1.1 Bescherming

Bescherming tegen aanvallen met kernwapens is niet geheel uitgesloten. Tegen de mechanische werking (luchtdruk) is dekking mogelijk in daarvoor geschikt gemaakte ondergrondse schuilplaatsen. Conventionele gebouwen, gelegen onder of dicht bij het explosiepunt, bieden geen bescherming tegen de luchtdruk. Op grotere afstanden kan de fall-out belangrijk zijn. Afhankelijk van de sterkte en de richting van de wind kan de fall-out over zeer grote afstanden van het explosiepunt op de aarde terugvallen, ook in gebieden waar de explosie zelf geen directe schade heeft aangericht. Tegen de fall-out kan men zekere beschermende maatregelen treffen. De bètastralers hieronder leveren weinig gevaar op; bedekking van de huid is voldoende; levensmiddelen in blik, glas of voorzien van eenvoudige afdekking worden niet besmet. De gammastralers die zich in de fall-out bevinden, kunnen wel schadelijk zijn voor het lichaam. Met behulp van radiologische meetapparaten kan worden bepaald in hoeverre wettelijke normen worden overschreden en en welke maatregelen nodig zijn. Verwijdering van de fall-out of bedekking met niet-besmette grond of ander materiaal vermindert het stralingsgevaar. Dit neemt niet weg dat een met kernwapens gevoerde oorlog niet alleen in de onmiddellijke omgeving van het getroffen gebied, maar ook ver daarbuiten zeer ernstige gevolgen kan hebben, zelfs de gehele wereld kan beïnvloeden en tot in later levende generaties genetische afwijkingen kan veroorzaken, alles uiteraard afhankelijk van de omvang die een dergelijk conflict aanneemt.

2. Sterkte van een kernwapen

De sterkte van een kernwapen wordt uitgedrukt in de hoeveelheid vrijkomende energie bij de explosie vergeleken met de vrijkomende energie bij een explosie van normale springstof (TNT). De bom die op 6 augustus 1945 boven Hiroshima werd afgeworpen, had een sterkte te vergelijken met een hoeveelheid van 20 000 ton (20 kt) TNT (ter vergelijking: de grootste springstofbommen in de Tweede Wereldoorlog hadden een sterkte van 10 ton TNT).

Vele kernwapens zijn sindsdien ontwikkeld, deels berustend op het kernsplijtingsprincipe, deels op het kernfusieprincipe. De sterkte van deze wapens varieert van die kleiner dan 1 kt (de neutronenbom) tot grotere van meer megatons (Mt), d.w.z. meer dan 100 × zo sterk als de Hiroshima-bom. Een en ander betekent dat kernwapens van klein kaliber op het gevechtsveld als tactisch wapen kunnen worden ingezet, terwijl voor strategisch gebruik de zware wapens beschikbaar zijn. Als transportmiddel zijn er de bombardementsvliegtuigen voor lange en middelbare afstanden; verder kent men diverse typen geleide raketten (zie geleid wapen, kruisvluchtwapen), te lanceren vanaf onderzeeboten, vliegtuigen of mobiele of vaste lanceerinrichtingen. Kleine typen kernwapens kunnen zelfs met normaal geschut verschoten worden.

In 2003 startte de Verenigde Staten nieuw onderzoek naar kernwapens met een explosieve kracht die minder is dan 5 kiloton TNT. Deze zouden kunnen dienen als wapen tegen zware, diep ingegraven bunkers en voorraden biologische en chemische wapens. De lichte kernwapens worden mogelijk door de technische verbetering van het rendement van de opgewekte kernsplijting, en de manier van ontsteking.

3. Typen kernbommen

Vorige
| |
Volgende
Zoeken in dit artikel
Printervriendelijke pagina bekijken
E-mail




© 2008 Microsoft/Het Spectrum