![]() |
Resultaten van Windows Live® Search
Resultaten van Windows Live® Search Hassler, Hans LeoEncyclopedieartikel
Hassler, Hans Leo (Neurenberg 16 okt. 1564 – Frankfurt am Main 8 juni 1612), Duits componist, zoon van Isaak Hassler (ca. 1530–1591), die evenals zijn broer Caspar Hassler (1562–1618) organist was, ging in 1584 studeren in Venetië bij Andrea Gabrieli. Hier raakte hij met Giovanni Gabrieli bevriend. In 1586 werd hij organist bij Fugger te Augsburg, waar hij in 1600 de leiding van de stadspijpers kreeg. Van 1601 tot 1604 had hij te Neurenberg de leiding van de stadsmuzikanten en in 1602 verwierf hij de titel van keizerlijk kamerorganist. Hij werd als hoffunctionaris tevens belast met handelsmissies, o.a. naar Praag. In 1608 werd hij organist bij de keurvorst van Saksen te Dresden. Hassler was de eerste Duitse componist die Italiaanse invloed onderging. Hij was een meester in verschillende schrijfwijzen: streng contrapunt, veelkorige homofonie, koraalzettingen. Hij schreef instrumentale suites, orgelwerken, missen, motetten, koralen, madrigalen en liederen en bouwde muziekinstrumenten, o.a. orgels. Bach ontleende de melodie voor zijn koraal O Haupt voll Blut und Wunden aan Hasslers zetting van Mein G'müt ist mir verwirret. WERK: Canzonette (1590); Cantiones sacrae (1591; motetten); Neue Teutsche Gesäng (1596); Madrigali (1596); Missae 4–8 vocum (1599); Lustgarten Neuer Teutscher Gesäng (1601; instr. dansen en liederen; heruitg. als Venusgärtlein, 1613); Sacri concentus (1601; instr. wrk. en motetten); Psalmen (1607); Kirchengesäng (1608), alle herdrukt.
© 1993-2008 Microsoft Corporation/Het Spectrum. Alle rechten voorbehouden. |
© 2008 Microsoft/Het Spectrum
![]() ![]() |