![]() |
Resultaten van Windows Live® Search
Resultaten van Windows Live® Search aleatoriek (v. Lat. alea = dobbelsteen, toeval), een oorspronkelijk door W. Meyer-Eppler gebruikte term voor muzikale processen waarvan het verloop in grote trekken vastligt, maar waarvan de details van het toeval afhankelijk zijn. Terminologische verwarring ontstond toen de componisten Karlheinz Stockhausen en Pierre Boulez het begrip juist in omgekeerde zin gebruikten, namelijk voor losse fragmenten die in detail zijn uitgeschreven, maar waarvan de volgorde bepaald wordt door de uitvoerder. Bij deze componisten werd het gebruik van aleatoriek mede ingegeven door de onderlinge verwisselbaarheid van sommige seriële structuren; op paradoxale wijze werd aldus een ‘gestuurd toeval’ onderdeel van de muzikale structuur. Eerder hadden echter in de Verenigde Staten vanuit een geheel andere invalshoek diverse componisten al toevalselementen in hun muziek toegepast: in de vroege 20ste eeuw Charles Ives, die bijv. door het noteren van onspeelbare passages de uitvoerder aanmoedigde zijn eigen weg in de partituur te vinden, en later meer consequent o.m. Morton Feldman en vooral John Cage. Ten onrechte wordt voor de muziek van deze componisten eveneens het begrip aleatoriek gebruikt; de esthetische beginselen van het ‘gestuurde toeval’ van de aleatoriek zijn echter ondubbelzinnig van Europese origine. Evenmin dient aleatoriek te worden verward met de door m.n. Cage vaak toegepaste toevalsoperaties, die weliswaar tijdens het componeren een rol spelen (in de vorm van bijv. randomtabellen), maar die in de regel resulteren in conventioneel uitgeschreven partituren. Aleatorische processen impliceren daarentegen altijd min of meer onconventionele notatievormen, waarbij één of meer aspecten van de muziek door de componist onbepaald worden gelaten.
© 1993-2008 Microsoft Corporation/Het Spectrum. Alle rechten voorbehouden. |
© 2008 Microsoft/Het Spectrum
![]() ![]() |