![]() |
Resultaten van Windows Live® Search
Resultaten van Windows Live® Search Pagina 2 van 7
AfghanistanEncyclopedieartikel
Artikeloverzicht
Introductie; 1. Landschap, klimaat en natuur; 2. Bevolking; 3. Staatsinrichting en samenleving; 4. Economie; 5. Geschiedenis; 6. De 21ste eeuw
De rijk geschakeerde dierenwereld van Afghanistan reflecteert de invloed van het gevarieerde landschap. In de steppen in het zuidwesten komen o.a. nog gazellen en halfezels voor; in de bergen leven wilde geiten en schapen met als roofvijand de sneeuwpanter (deze laatste is een zeer bedreigde diersoort ter plaatse). Ook de lammergier komt nog in onherbergzame streken voor. Wapengeweld op grote schaal in de jaren tachtig heeft de wildstand zeer negatief beïnvloed.
De jaarlijkse bevolkingsgroei is aanzienlijk (2,7%). Na de val van het Talibanregime bedroeg de groei enige tijd meer dan 4%. Traditioneel woonde het grootste gedeelte van de bevolking op het platteland, maar door de burgeroorlog zijn delen van het platteland ontvolkt geraakt en zijn veel Afghanen naar de steden getrokken. De grootste steden zijn Kabul, Kandahar, Herat en Mazar-e-Sharif, gevolgd door Jalalabad en Koendoez. Vooral de hoofdstad Kabul is in enkele jaren tijd snel gegroeid. In Afghanistan wonen diverse, veelal in stamverband georganiseerde, volken. De grootste en overheersende bevolkingsgroep is die van de Pathanen (of Pasjtoes), die ca. 43% van de bevolking uitmaken en overwegend in het zuiden wonen. De Tadzjieken in het noordoosten maken ca. 28% van de bevolking uit. Verder wonen er Hazara's, een sjiietische bevolkingsgroep van Mongoolse afkomst, in het centrale bergland (8%). In het noorden wonen Oezbeken (9%) en Toerkmenen (3%), terwijl tot de kleinere bevolkingsgroepen o.a. behoren de Noeristani, de Kirgiezen, de Kazachen en de Perzische Baluchi's.
De Afghanen spreken het Pasjtoe, dat in 1936 naast het Perzisch (Farsi, in Afghanistan ook Dari genoemd) tot officiële taal werd verheven. Het Dari wordt gesproken door de Tadzjieken.
Vrijwel alle inwoners van Afghanistan (98%) zijn aanhangers van de islam, de staatsgodsdienst; de Afghanen, Tadzjieken, Toerkmenen en Oezbeken zijn overwegend soennieten, de Hazara's en Iraniërs sjiieten. De Noeristani werden pas op het eind van de 19de eeuw tot de islam bekeerd; tot voor kort werden zij nog kafirs (= ongelovigen) genoemd. Onder de stedelijke bevolking worden kleine groepen joden, hindoes en Sikhs aangetroffen.
Sinds 1973 is Afghanistan een republiek. Bij de communistische machtsovername in april 1978 werd de grondwet opgeschort. Nadat eind 2001 een einde kwam aan het regime van de Taliban werd op instigatie van de gebundelde oppositie tegen de Taliban op 22 december 2001 een voorlopige regering onder leiding van de Pathaanse verzetsleider Hamid Karzai geïnstalleerd. In 2004 werd door een vergadering van stamoudsten een nieuwe grondwet aangenomen, die voorzag in een presidentieel stelsel. Afghanistan werd formeel een islamitische republiek; wetten mogen niet in strijd zijn met de islam. Karzai werd in dat jaar door de bevolking tot president gekozen. Het parlement, de Nationale Assemblée, bestaat uit twee huizen: het Huis van het Volk en het Huis van de Ouderlingen. Het Huis van het Volk (Wolesi Jirga) telt 249 leden, direct gekozen in een stelsel van evenredige vertegenwoordiging. 68 zetels zijn voorbehouden aan vrouwelijke kandidaten. Het Huis van de Ouderlingen (Meshrano Jirga) heeft vooral een adviserende rol. Twee derde van de leden worden gekozen door provinciale en districtsraden, een derde wordt benoemd door de president. In 2005 werden voor het eerst sinds 1969 vrije parlementsverkiezingen gehouden.
© 1993-2008 Microsoft Corporation/Het Spectrum. Alle rechten voorbehouden. |
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
© 2008 Microsoft/Het Spectrum
![]() ![]() |