Zie ook:
Zoeken in Encarta Winkler Prins
Zoeken in Encarta Winkler Prins naar eerste eeuw

Resultaten van Windows Live® Search

  • De eerste eeuw

    Romeinse keizers ... Julius Caesar Julius Caesar is nooit echt keizer geweest. Wel was hij alleenheerser van 48 voor Christus tot hij vermoord werd in 44 voor Christus

  • De Eerste Wereldoorlog

    Het land dat dat doel in de eerste plaats in de weg stond, was het Turkse Rijk. In de negentiende eeuw voerde Rusland een aantal oorlogen tegen de Turken.

  • de Romeinse Keizers

    U kunt op de door u gewenste eeuw klikken om de keizers uit deze verschillende eeuwen te bezichtigen: Eerste eeuw na Christus Tweede eeuw na Christus

Alle zoekresultaten weergeven in
Resultaten van Windows Live® Search
Pagina 15 van 16

eerste eeuw

Encyclopedieartikel
Multimedia
Schild van BatterseaSchild van Battersea
Artikeloverzicht

2.18.2 De codex

Men ziet in deze tijd af en toe een boek op de markt verschijnen van een geheel nieuwe vorm, de zgn. codex. Deze bestaat uit een aantal bladen van perkament, op elkaar gelegd en samengebonden, naar het voorbeeld van de al lang in gebruik zijnde notitieboekjes (codicilli), die gevormd worden door een paar met scharnieren aan elkaar bevestigde, met was bestreken dunne plankjes. Maar de gewone vorm is toch de vanouds bekende boekrol, meestal van papyrus. De, om een houten stok opgerolde strook papyrus heeft een breedte van 25 à 30 cm en is 6 tot 10 m lang. De tekst wordt in kolommen naast elkaar geschreven, zoveel mogelijk van gelijke lengte. Begin en einde van de rol laat men onbeschreven.

2.18.3 De boekenproductie

Voor de boekenproductie hebben de boekhandelaren, die tegelijk als uitgevers fungeren, speciale ateliers, waaraan beroepsschrijvers, meestal slaven, zijn verbonden. Deze kopiïsten, die aangeduid worden met de naam librarius, werken in groepen aan een en dezelfde tekst, die door een van hen wordt gedicteerd. De librarii worden per regel betaald en iedere regel heeft ongeveer de lengte van het epische zesvoetige vers, de hexameter. Aan het eind van elke papyrusrol wordt het totale aantal regels nauwkeurig op de rol zelf aangegeven.

Het materiaal (papyrus) moet allemaal uit Egypte komen, de enige papyrusproducent. Omdat er nogal eens stagnatie in de aanvoer is, waardoor de prijzen dan sterk stijgen, heeft men er te Rome een flinke voorraad van aangelegd in een speciaal papyrusmagazijn.

De boekhandelaren-uitgevers te Rome hebben in deze tijd florerende bedrijven. Zij zijn hier geconcentreerd in een eigen wijk. In de boekwinkels, die soms ook fungeren als literaire salons waar auteurs uit hun werk komen voorlezen, worden de werken van oude en nieuwe schrijvers goed verkocht. Bestsellers worden naar alle delen van het rijk verzonden. Voor schrijvers die niet over eigen vermogen beschikken, is het echter vrijwel onmogelijk van hun pen te leven. Het begrip auteursrecht is immers onbekend. Als de succesvolle en veelgelezen auteur Martialis, bijna 60 jaar oud, in 98 n.C. naar zijn geboortegrond in Spanje wil terugkeren, heeft hij het geld niet voor de reis; het wordt hem door Plinius de Jongere geschonken.

3. INDIA

3.1 Politieke ontwikkelingen

In deze eerste eeuw is er in India geen sprake meer van een eenheidsrijk zoals dat ten tijde van de Maurya-dynastie – rond twee eeuwen eerder – in dit gebied bestaan heeft. Na de ontbinding van dat enorme keizerrijk hebben diverse republieken en koninkrijken getracht van het machtsvacuüm gebruik te maken om hun invloed buiten het eigen grondgebied te vestigen. Geen enkele dynastie is er echter in geslaagd om politiek overwicht in het subcontinent te verwerven.

In het zuiden, het gebied van de Dravidische volken, hebben de Cholastammen een koninkrijk gevormd, maar ze zijn er, ondanks voortdurende oorlogen, niet in geslaagd de andere concurrenten uit te schakelen. In Midden-India ligt het Andhra-rijk, waar de Satavahana-dynastie aan het bewind is. Van een centrale macht is echter geen sprake. De gouverneurs en militaire bevelhebbers die in de diverse deelgebieden op de plaatselijke hoofden en koningen moeten toezien, gaan zich meer en meer onafhankelijk opstellen. Het vreedzame politieke klimaat draagt in aanzienlijke mate bij tot de opbloei van de handel tussen het noorden en het zuiden.

3.2 Handel en cultuur

Geheel India is nu als het ware door handelsroutes doorsneden. De handelsgilden zijn uitzonderlijk rijk geworden en zij zijn zelfs begonnen met behulp van slaven de productie van onder meer koper, ivoor, ijzer, katoen, zijde en zout op zich te nemen. Ook de koningshuizen investeren grote sommen in de handelsgilden omdat dit een hoge opbrengst verzekert en voorts omdat de aanmoediging van de lange-afstandhandel voorwaarde is voor de aanvoer van luxegoederen. Vooral de handelsgilden in het rijk van de Chola's en de Satavahana's worden welvarend door de handel met het Romeinse Keizerrijk. In beide rijken hebben de Javana's, de handelaren uit het westelijke Middellandse-Zeegebied, commerciële nederzettingen. De invoer bestaat hoofdzakelijk uit wijn, textiel, medicijnen, paarlen, goud en slaven, en uit geschenken voor de plaatselijke machthebbers, zoals gouden en zilveren ornamenten, gedroogde rozijnen, zoete wijnen, zangknapen en haremvrouwen.

Samen met de handel komt ook de nieuwe godsdienst – het jonge christendom – uit West-Azië naar India. Een van de apostelen van Christus, Thomas, landt omstreeks het jaar 52 in Malabar op de westkust. Nadat hij in ca. zestien jaar een basis voor het christendom heeft gelegd, wordt Thomas bij Madras vermoord.

Uit India worden door Indiase en Arabische handelaren koper, ijzer en teakhout naar de Arabische havensteden gebracht en – voor verdere doorvoer naar de welgestelde Romeinse families – luxeproducten als juwelen, mousseline, zijde, specerijen en pretdieren (apen, papegaaien en pauwen). De vraag naar specerijen is voor de Indiase handelsgilden aanleiding om hun eigen handelscontacten met Zuidoost-Azië, waar de specerijen vandaan komen, uit te breiden. De Indiase cultuur in de vorm van zowel het boeddhisme als het hindoeïsme verkrijgt daarbij blijvende invloed in Birma, Cambodja en op Java en nog verder naar het oosten, tot in China.

3.3 Invallen vanuit het noorden

De contacten tussen India en China verlopen minder over zee dan via de landroute van Centraal-Azië. Daar doen zich in deze tijd grote volksverhuizingen voor, die directe invloed hebben op de machtsontwikkeling in Noord-India. De Scythen, in India Saka's genoemd, die door Chinese nomaden, voornamelijk de Yueh-tschi, uit hun woongebied rondom het Aralmeer waren verdreven, veroverden eerst Bactrië tussen de Oxus en de Indus, trokken door de Bolanpas nabij Quetta en vestigden zich enkele decennia voor het begin van de eerste eeuw in Noordoost-India. Langs de noordwestelijke bergpassen trekken ook de Parthen, in India Pahlava's genoemd, en de Yueh-tschinomaden India binnen. Onder de drie volken wordt voortdurend gevochten om de heerschappij over het gebied.

Aanvankelijk slagen de Saka's erin een imperium uit te bouwen dat alle provincies ten noorden van de rivier de Narmada, met uitzondering van Magadha in het oosten, omvat. Hun administratie maakt gebruik van grootsatrapen in de provincies met daaraan ondergeschikt satrapen die in kleinere districten het militair en burgerlijk bestuur waarnemen en zich onafhankelijk opstellen. De formele macht over het gebied wordt omstreeks het midden van de eeuw overgenomen door de Kushana's, een horde van de Yueh-tschi, die onder leiding van hun koning, Kanishka, regeren vanuit de twee hoofdsteden Mathura en Purushapura (Peshawar).

Vorige
... | | | | | | | | |
Volgende
Zoeken in dit artikel
Printervriendelijke pagina bekijken
E-mail




© 2008 Microsoft/Het Spectrum